Tepelvoeringen zijn er in verschillende soorten en maten. Elk type melkstal heeft een ander soort tepelvoering afhankelijk van speenmaten, vacuümniveau, melkuitrusting en ervaringen van de melkveehouder zelf. Indien een ander soort type tepelvoering wordt toegepast, dient met de eerste dagen van gebruik van nieuwe tepelvoeringen de uiergezondheid extra in de gaten te houden. Sommige veranderingen passen beter bij het ene bedrijf dan bij het andere melkveebedrijf. Uiteraard is het van belang dat de tepelvoeringen op een juiste manier worden toegepast, de volgende punten dienen hierbij in acht te worden genomen:
Voordat de nieuwe tepelvoeringen worden bevestigd, dient de melkber goed schoon te zijn
Controleer de melkklauw op eventuele scherpe randen, om hiermee beschadiging van de tepelvoering te voorkomen
Draag zorg voor een correcte installatie van de gehele melkstal
Bevestig de tepelvoering op een juiste manier. Voorkom draaiingen en zorg dat de tepelvoering tot de markeerlijn op de buis wordt bevestigd. controleer regelmatig de bevestiging van de tepelvoering
Verwijder overtollige zalf, uierspray/dip en andere smeersels voordat de tepelvoering wordt bevestigd
Gebruik de goede reinigingsmiddelen waarmee aantasting van de rubberen tepelvoeringen wordt voorkomen
Een juiste installatie, regelmatige controle en handhaving dragen bij aan een juiste werking
Installeer de onderdelen volgens advies van de leverancier van de melkstalinstallateur, tepelvoeringen zijn slechts een onderdeel van het gehele melksysteem
Wees voorzichtig met de installatie van de tepelvoeringen omdat rubber altijd door scherpe kantjes kan worden aangetast
Controleer de melkklauw en tepelvoering dagelijks
Bewaar de tepelvoering niet in de zon, warmte of bij elektrische motoren.