Blog berichten

Col-o-geit® Geitenbiest, goede ondersteuning in uw biestmanagement

Geschreven op 18 februari 2019 / Categorie: Tips, Algemeen

Alles begint bij zorg en aandacht voor de lammeren, al tijdens de dracht tot aan de melkperiode. Een protocol waarin vaste afspraken staan om biest in de juiste hoeveelheid en temperatuur op het juiste tijdstip aan pasgeboren lammeren te geven.

Daarnaast is de kwaliteit van biest cruciaal, ongeacht of u voor geiten-, koeien- of kunstbiest kiest.

Biestbehoefte bij Geitenlammeren

Geboortegewicht in Kg Eerste biestmaal 1-6 uur na de geboorte Dagelijkse behoefte in ml
3 150-200 ml 600 ml
4 200-300 ml 850 ml
5 250-475 ml 1100 ml

 Bron: Diseases of the goat, John Matthews

Geitenbiest

Bedrijven die vrij zijn van ziektes als Paratuberculose (paratbc), Caprine Arthritis Encephalitis (CAE) en Caseous Lymphadenitis (CL) kunnen ervoor kiezen om eigen geitenbiest te verstrekken. Deze ziektes kunnen namelijk doorgegeven worden door de moedermelk.

Door geitenbiest te geven, bouwen geitenlammeren immuniteit tegen ziekten die voorkomen op het bedrijf, waar de moederdieren al mee in aanraking zijn geweest. Onderzoek wijst uit dat geitenbiest na 48 uur de hoogste GGC (Gamma Globuline Concentratie, ook wel ontstekingseiwitten of antistoffen genoemd) in het bloed geeft en dit blijft zo tot de lammeren 4 weken oud zijn.

Voor TBC, CAE en CL status vrije bedrijven heeft biest van eigen geiten dus de voorkeur, mits deze steriel gemolken en met een biestmeter gecontroleerd is. Op sommige bedrijven wordt deze biest eerst verhit, echter geeft dit een verlaging van de hoeveelheid IgG en gaat dus ten koste van de kwaliteit van de biest. Ook biest die ingevroren is geweest, is in kwaliteit achteruit gegaan. Na de eerste maand 17% en na 2-3 maanden 24%. Ook goede kwaliteit biest uit de diepvries moet dus eerst gecontroleerd worden alvorens deze gegeven wordt aan de lammeren.

De kwaliteit van de geitenbiest is van meerdere factoren afhankelijk; Zo bepaald de droogstandsperiode voor een groot deel de kwaliteit van de biest en is de biest van oudere dieren vaak beter dan bij jonge dieren. Ook is de hoeveelheid biest die een lam binnenkrijgt belangrijk en niet goed te controleren wanneer een dier bij zijn moeder blijft.

Biestkwaliteit kun je heel goed meten met een refractometer. Hiermee kun je het soortelijk gewicht meten. Bij biest moet dit minimaal 1050 zijn. Ook kun je een BRIXmeter gebruiken, de waarde moet dan boven de 22% uitkomen.

Biestkwaliteit verhogen

Brix Gram per 100 ml
15 24.5
16 21.0
17 17.5
18 14.0
19 10.5
20 7.0
21 3.5

Stel dat bij controle van de biest, de biest uitkomt op 20 Brix, dan kun je per 100 ml biest 3,5 gram Col-o-Geit toevoegen om 1 punt Brix omhoog te gaan. De aanbevolen hoeveelheid is minimaal 22. Dus als ik 7 g Col-o-Geit per 100 ml biest zou toevoegen, verhogen we de Brix naar 22. Met een refractometer zou je naar een soortelijk gewicht van >1050 toe moeten aanvullen. Op bedrijven waar de besmettingsdruk hoog is, is het raadzaam om naar een hoger Brixpercentage te streven. Overleg hiervoor met uw dierenarts.

Mocht het noodzakelijk zijn om het pasgeboren lam enkel en alleen Col-o-Geit te verstrekken (bijvoorbeeld op een met CL of CAE besmet bedrijf), gebruik dan een verhouding van 50 gram Col-o-geit op 150 ml water. Voor een gemiddeld lam betekent dit 100 gram poeder in 300 ml water (ongeveer 10% van het lichaamsgewicht).

 

Stephan Wegman

Stephan Wegman